Migratie

De verontwaardiging over het Europees migratiebeleid is groot. We hebben het gevoel dat onze waarden verloochent worden. De Conventie van Genève, die de fundamenten van de mensenrechten bevat inzake migratie, wordt door sommige conservatieve politici zelfs in vraag gesteld. Dit dominante politiek discours maakt van de vluchtelingencrisis een probleem, terwijl het eigenlijk een menselijk fenomeen is dat zal blijven bestaan.

De enige oplossing voor deze zogenaamde crisis is om een strategie uit te stippelen en die ook daadwerkelijk te implementeren, zonder onze humanitaire waarden af te zwakken. Solidariteit is het enige antwoord dat Europa kan bieden. Solidariteit tussen de lidstaten, voor de bescherming van kwetsbare vluchtelingen. Het kan niet zijn dat Europa zijn verantwoordelijkheid afwentelt op landen die minder draagkracht hebben. De Europese Unie heeft al heel wat voorstellen gedaan, maar meestal zijn de lidstaten niet moedig genoeg om daarnaar te handelen. Daarom moet het Europese asielstelsel hervormd worden, maar niet overhaast. De deals die de EU tot nu toe met Turkije en Libië heeft gemaakt, om vluchtelingen af te wenden buiten haar grenzen, zijn gevaarlijk want niemand kan verzekeren dat de rechten van de vluchtelingen in die landen gerespecteerd worden. Het uitbouwen van legale routes, die een humanitaire doortocht kunnen verzekeren is minstens even belangrijk. Alsook de rechten van intern ontheemden, die binnen de grenzen van hun land vluchten, moeten de nodige politieke aandacht krijgen.

Daarom ondertekende ik op 7 november 2016 de oproep om de Verklaring van Langemark te onderschrijven. In de Commissie Migratie van het parlement van de Raad van Europa ben ik ook erg actief. Omdat Turkije lid is van de Raad van de Europa, is het interessant om de druk hoog te houden zodat mensenrechten ook daar gegarandeerd worden. Ik kwam daarom tussen in talrijke debatten over de externalisatie van het Europees migratiebeleid naar de hotspots op de Griekse eilanden, en zelfs buiten de EU-grenzen naar Turkije en Libië. Ook de militaire interventies in Syrië stelde ik in vraag. De radicalisering van Syriëstrijders kwam ook uitgebreid aan bod, alsook de bescherming van niet-begeleide minderjarigen, vrouwen en kinderen. Ik maakte er een punt van dat deze uitgewezen migranten niet crimineel zijn, en ze dus zeker niet opgesloten mogen worden.

Eind 2016 vroeg ik meer psychologische ondersteuning van kwetsbare vluchtelingen in de kampen. Begin 2017 nam ik een conservatief rapport onder de loep en slaagde ik er in om de toon van de resolutie te humaniseren. Later dat jaar werd ik tot General Rapporteur on conditions of reception of refugees and migrants benoemd, en kaartte ik de situatie aan in de overbevolkte hotspots in Moria - het kamp op het Griekse eiland Lesbos - niet alleen een natuurlijke gevangenis is, het is ook een oorlogszone waar basisbehoeften zoals hygiëne en veiligheid niet meer vervuld geraken. in juni 2017 voor een positievere kijk op migratie en arbeid. In april 2018 nam ik de situatie van intern ontheemden onder handen, want ook zij verdienen bescherming, ook als ze moeten vluchten voor de gevolgen van de klimaatverandering. Tenslotte pleitte ik voor verplicht onderwijs voor vluchtelingen, omdat dit cruciaal is voor de toekomst van Europa.

Reacties

Vennligst sjekk din e-post og klikk på lenken for å bekrefte din nye e-postadresse.