Gezondheid

Als arts en wetenschapper zet ik gezondheid hoog op de politieke agenda. Ik strijd tegen giftige stoffen zoals glyfosaat en hormoonverstoorders, ben expert in bio-ethische thema’s zoals donoranonimiteit en draagmoederschap en zet me in voor de seksuele en reproductieve gezondheid en rechten van vrouwen en meisjes.

Als arts en wetenschapper wil ik me in de eerste plaats inzetten voor een gezondere samenleving, met de wetenschap als bondgenoot en niet als destructieve kracht. Ik heb vanuit eerste hand kunnen zien welke schadelijke impact hormoonverstorende stoffen in cosmetica, plastics en pesticiden hebben op mensen hun gezondheid. Vooral zwangere vrouwen en kinderen zijn hier gevoelig aan. Het is schandalig dat Europese wetgeving rond glyfosaat en hormoonverstoorders al jaren wordt vertraagd en tegengehouden door industriële lobbyisten die twijfel willen zaaien over de desastreuze effecten. Ik vecht voor een ommekeer in Europa waarbij onze gezondheid boven economische belangen worden gezet.

Als fertiliteitsarts heb ik me ook toegelegd op allerlei bio-ethische thema's. De medische wetenschap staat niet stil, en dat is maar goed ook. Maar om er voor te zorgen dat wetenschappelijke ontwikkelingen iedereen ten goede komen en het risico op een ongecontroleerde commercialisering te vermijden, is een wettelijk kader vaak nodig. In de Raad van Europa heb ik geijverd voor een wettelijk kader rond draagmoederschap en donoranonimiteit. Daarnaast ben ik ook sterk gekant tegen de commercialisering van het invriezen van eicellen.

Daarnaast zet ik me actief in voor de seksuele en reproductieve rechten voor vrouwen en meisjes. Ik ben voorzitter van het Europees Parlementair Forum voor bevolking en ontwikkeling, ofwel EPF. Dat forum brengt parlementsleden samen die zich wereldwijd inzetten voor de seksuele en reproductieve rechten van vrouwen en meisjes, zoals de strijd tegen genitale mutilatie en kindhuwelijken. Ook in Europa is er op dat vlak nog veel werk aan de winkel.

Gezondheid is niet enkel de verantwoordelijkheid van de ministers of Europese commissaris van gezondheid. Helaas worden in andere sectoren economische belangen vaak belangrijker geacht dan volksgezondheid. Sinds 2010 heeft de Europese Unie meer invloed op het begrotingsbeheer van haar lidstaten via het Europese semesterproces. Helaas heeft het Europees semester eerder gebruikt als instrument om te besparen in de gezondheidszorg, dan als een instrument om het Europese gezondheidszorgstelsel te versterken en te beschermen. Wat ook erg problematisch is, is de enorme macht van farmasector, die continu lobbyt bij de Europese instellingen voor maatregelen in hun voordeel. Patiënten zijn pionnen geworden in een economisch verhaal dat enkel nog gaat over efficiëntie. Ik ben dan ook bezorgd over de solidariteit in de gezondheidszorg. Daarom wil ik vechten voor een Europese Unie die onze gezondheid op de eerste plaats zet. Een gezonde economie is een middel om een gezonde samenleving te bereiken, en niet andersom!